Historie

HISTORIE

Paul Morphy (1837-1884). In de jaren 50 van de 19e eeuw groeide hij snel uit tot een van de sterkste schakers van de wereld. In 1857, op 20-jarige leeftijd had hij in Amerika al geen concurrenten meer, stak over naar Europa, en versloeg ook daar iedereen die hem voor de voeten kwam. In december 1858 speelde hij een historische match tegen Adolf Anderssen in Parijs, die hij met 8-3 won. Een van zijn vele wonderbaarlijke partijen volgt onderaan:

Morphy-Anderssen, Parijs 1858  

1.e2-e4 e7-e5 2.f2-f4

2…e5xf4 Het “Aangenomen Koningsgambiet”. 3.Pg1-f3 g7-g5 De klassieke tegenzet van zwart. 4.h2-h4

4…g5-g4 5.Pf3-e5

De Kieseritsky variant gold lang geleden als de hoofdlijn van deze opening (analyse circa 1850). Men moet even de waaier van mogelijkheden voor zwart bekijken (en de historische namen):

5…d6 Kolisch ca.1850 5…h5 Stockwhip 5…De7 Salvio ca.1600 5…d5 Ponziani ca.1769 5…Pc6 Neumann ca. 1860 5…Le7 Polerio ca.1570 5…Lg7 Paulsen ca. 1850 en 5…Pf6.

5…Pg8-f6! De Berlijnse variant (niet te verwarren met de Spaanse opening) wordt als sterkste weerlegging gezien.

6.Pe5xg4 De tekstzet heeft niet de beste reputatie (6.Lc4 en 6.d4). 6…Pf6xe4 7.d2-d3 Pe4-g3 Fout is 7..Pf6 8.De2+De7 9.Pf6:+ stukwinst). 8.Lc1xf4

Een torenoffer om de vijandelijke “koning in het midden” aan te vallen. 8…Pg3xh1 9.Dd1-e2+ Dd8-e7 (9..Le7 is een blunder na 10.Pf6+ Kf8 11.Lh6 mat) 10.Pg4-f6+ Ke8-d8 11.Lf4xc7+ Kd8xc7

12.Pf6-d5+ Familieschaak. 12…Kc7-d8 Andere locaties hebben geen zin. 13.Pd5xe7 Lf8xe7 De uitspraak van Bobby Fischer lijkt toch niet geheel duidelijk. Fischer: “And Black should win” (My 60 Memorable Games, p.124). 14.De2-g4 Komodo 10 64x geeft hier 14.Df3 aan. 14…d7-d6 15.Dg4-f4

15…Th8-g8! 16.Df4xf7 Morphy gaat twee pionnen ophalen, normaal speelt hij eerst en vooral op ontwikkeling: 16.Pc3 16…Le7xh4+

Maroczy geeft hier 16…Tf8 aan en Komodo 16…Te8. 17.Ke1-d2 Tg8-e8

18.Pb1-a3 Het paard aan de rand, maar het schept ruimte voor de koning. 18…Pb8-a6 Misschien te voorbarig. 19.Df7-h5 Een dubbele aanval.

19…Lh4-f6 20.Dh5xh1 Lf6xb2? Beter is 20..Lg5+

21.Dh1-h4+ Kd8-d7 22.Ta1-b1 Lb2xa3 23.Dh4-a4+ Opgave Zwart.

Het kandidatentoernooi van 1993 heeft een grote rol gespeeld in de geschiedenis van het schaken. Uitdager Nigel Short en titelverdediger Garry Kasparov leggen een bom onder de WK finale van de FIDE wereldbond en stichten hun eigen organisatie PCA. De schaakwereld zal nog lang de gevolgen dragen van deze actie. Alvorens Short voor de titel kan spelen moet hij in de halve finales voorbij de Nederlander Jan Timman (toenmalig “Best of the West”).

De tweekamp heeft plaats in het Spaanse San Lorenzo 1993 en is gelijk opgaand, het kantelmoment is de 9é partij. Timman heeft een variant van de Spaanse opening doorgenomen en die komt in de bewuste partij op het bord. De variant is gebaseerd op een torenoffer, uitgewerkt met Jeroen Piket in het Nederlandse dorp Otterlo.

Timman – Short 1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.Lb5 a6 4.Lc6: (de Spaanse ruilvariant het ultieme wapen van Emanuel Lasker) 4…dc6: 5.0-0 Pe7 (de Keres variant)

6.Pe5: Dd4 7.Dh5

Alexander Petrov

Petrov (1794-1867) wordt beschouwd als de eerste Russische grootmeester en is ook auteur van het eerste schaakhandschrift in het Russisch (Shakhmatmaya 1824). Verder is hij vereeuwigd met de “Russische Verdediging” 1.e4 e5 2.Pf3 Pf6 3.Pe5: d6 4.Pf3 Pe4:, een opening die hij  ontwikkelde met Carl Jänish (in Engelstalige landen “the Petrov defence” genoemd). In het jaar 1839 stuurde Petrov vanuit St. Petersburg, een uitnodiging voor een correspondentiepartij naar een Parijse schaakclub. Hij deed deze uitnodiging vergezeld gaan van de hieronder staande diagram. Een compositie dus en voorzien van uitleg: “De terugtocht van Napoleon uit Moskou“. Keizer Napoleon is gewend om zelf beslissingen te nemen en heeft geen raadsheren nodig (lopers). De Keizer (Kb1) bevindt zich aan het hoofd van zijn troepen. De artillerie is ver opgerukt (Tf4 en Tf6) en zijn beroemde “garde d’honeur” vormt zoals altijd de achterhoede (Pa5 en Pd8). De tsaar is met zijn getrouwen in een uithoek gedrongen (Kh2). Een belangrijk figuur van het Russische leger is generaal Goerkov (Dh1). De ruiters zijn de kozakken, deze worden voorgesteld door Pf1 en Pe2. De rivier Berezina is de diagonaal h1/a8.

De Fransen wisten deze grap blijkbaar niet op haar juiste waarde te schatten en wezen de invitatie beledigd van de hand. Wit aan zet.

1.Pf1-d2+ Dubbelschaak. Kb1-a2 2.Pe2-c3+ Ka2-a3 3.Pd2-b1+ Ka3-b4 4.Pc3-a2+ Kb4-b5 5.Pb1-a3+ Kb5-a6

Napoleon is de oevers van de Berezina genaderd en had hier vernietigd kunnen worden met Dh1-a8 mat, maar dit wordt verzuimd, wat met de geschiedenis klopt.

6.Pa2-b4 Ka6-a7 7.Pa3-b5+ Ka7-b8 8.Pb4-a6+ Kb8-c8 9.Pb5-a7+ Kc8-d7 10.Pa6-b8+ Kd7-e7 11.Pa7-c8+ Ke7-f8 12.Pb8-d7+ Kf8-g8 13.Pc8-e7+ Kg8-h8 Eindelijk is Napoleon uit Moskou verdreven. De tsaar geeft het laatste woord aan generaal Goerkov:

14.Kh2-g2 en Napoleon staat mat.

Van het gigantische leger van Napoleon (680.000 man) overleefden slechts 40.000 manschappen.

De volgende partij is “Petrov zijn onsterfelijke partij” en is een schoolvoorbeeld van hoe de ontwikkeling en de veiligheid van de koning cruciaal zijn in de openingsfase.

Hoffman – Petrov, Warchau 1844

1.e2-e4 e7-e5 2.Pg1-f3 Pb8-c6 3.Lf1-c4 Lf8-c5 4.c2-c3 Pg8-f6 5.d2-d4 De hoofdlijn van de “Italiaanse Opening”

5…e5xd4 6.e4-e5!? Een aanval met de bedoeling om het zwarte paard naar voren te lokken 6…Pf6-e4 7.Lc4-d5! Pe4xf2

8.Ke1xf2 Het wordt nogal wild na 8.Lf7:+Kf7: 9.Pg5+ 8…d4xc3+ 9.Kf2-g3 c3xb2 10.Lc1xb2 Pc6-e7 Waarschijnlijk beter is de korte rokade 11.Pf3-g5 Beter is 11.Le4 11…Pe7xd5

Een tactische stelling en het is nog niet over 12.Pg5xf7 0-0! Een dame offer 13.Pf7xd8 Lc5-f2+ 14.Kg3-h3 d7-d6+

15.e5-e6 Kh3-g4 16.Pf4xe6 17.g2-g3 Pe6-d4+ 18.Pd8-e6 Lc8xe6+ 19.Kg4-h4

19…Pd4-f5+ 20.Kh4-h3 Pf5-e3+ 21.Kh3-h4 Pe3-g2+ 22.Kh4-h5 g7-g6+ 23.Kh5-g5 Lf2-e3 Mat. Wat een aanvalspartij.

Harry Nelson Pillsbury en het nieuwtje

Volgens Lasker is het Harry Nelson Pillsbury geweest die begonnen is met zich theoretisch voor te bereiden op een tegenstander. Tijdens het tornooi van St. Petersburg in 1895 verloor Pillsbury van Lasker een partij. Een bepaalde variant van het “Damegambiet” zou de oorzaak zijn van het verlies en Pillsbury zon op wraak. Het verhaal gaat verder dat Napier (een vriend van Pillsbury) dikwijls aan huis kwam bij de Amerikaan. Op het schaakbord van Pillsbury stond steeds de gewraakte variant opgesteld, maar met het nieuwtje van Pillsbury. Napier moest dan de zwarte stukken voeren en het spel van Lasker imiteren. Alle mogelijkheden werden elke keer opnieuw onderzocht. Jaren verstreken en Pillsbury en Lasker speelden enkele malen tegen elkaar, maar ofwel de andere kleur of een andere opening verhinderde de nieuwe voortzetting. Op het toernooi van Cambridge Springs 1904 kreeg Pillsbury  na acht jaar eindelijk de kans om het nieuwtje te spelen. Opgewonden liep Pillsbury naar Napier toe: “Ik kan mijn verbetering eindelijk toepassen“. Enkele minuten later kwam hij weer naar Napier toe: “En wat heeft hij gespeeld?” vroeg deze laatste. “Hij heeft” zei Pillsbury met gefronst voorhoofd “de enige variant gekozen, waar jij in acht jaar niet bent opgekomen“. Het verhaal toont de relativiteit aan van de voorbereiding, maar anderzijds ook het nut ervan. Pillsbury won de onderstaande partij tegen Lasker (2é wereldkampioen).

Pillsbury – Lasker, Cambridge Springs 1904

Het nieuwtje is 7.Lf6: i.p.v. 7.Dh4 uit 1895.

Een analyse van de partij kan je openen in de link

Pillsbury lasker pdf

The Bogart Attack

Dat Humphrey Bogart een schaakliefhebber was is algemeen geweten. Hij was actief in de Californië State Association en bezocht regelmatig de Hollywood Chess Club. Hij participeerde in de beroemde blindsimultaan van Georges Koltanovski (San Francisco 1952) en speelde remise tegen Reshevski in een simultaan (Beverly Hills 1955). Vooral tussen de filmopnames speelde hij vaak schaakpartijen.  Er zijn bronnen die zelfs beweren dat hij een hoog spelniveau had (geschatte rating van 2100 ELO). We gaan een partij bekijken om dit na te gaan.

Bogart – Onbekend 1933

1.d2-d4 Pg8-f6 2.g2-g4 de Bogart aanval zullen we maar zeggen. Deze speelwijze is pas laat in de mode gekomen als een agressieve zet en wordt toegepast in bv. de “Slavische opening”. 2…Pf6xg4 3.f2-f3 Pg4-f6 4.e2-e4 Bogart heeft een sterk centrum voor een pion en ook de g-lijn. Of dit voldoende compensatie is? Twijfelachtig, maar deze variant is ook weinig onderzocht. 4…d7-d6 5.Lc1-e3 g7-g6 6.Pb1-c3 Lf8-g7 7.Dd1-d2 Pb8-c6 8.0-0-0 0-0 Met heterogene rokades, een indicatie van scherp spel.

9.Lf1-d3 e7-e5 10.d4-d5 Pc6-b4 Het zwarte Paard gaat naar a6, maar misschien beter is om meteen Pe7 te spelen 11.Ld3-c4 a7-a5 12.a2-a3 Pb4-a6 13.h2-h4 Om een tegenaanval te lanceren op de andere vleugel komt zwart nu hopeloos te laat.

13…Pf6-h5 14.Pg1-e2 f7-f5 15.Le3-g5 Lg7-f6 Waarschijnlijk is 15..De8 te prefereren omdat de zwarte Loper een belangrijke schakel is in de verdediging van de zwarte Koning 16.f3-f4 e5xf4 17.Pe2xf4 Ph5xf4 18.Dd2xf4 

Beter is 18.Lf4: 18…f5xf4 19.Lg5-h6 Tf8-e8 20.Pc3xe4 Lf6-g7 21.Lh6xg7 Kg8xg7 22.h4-h5 Lc8-f5 23.h5xg6 Lf5xg6 24.Df4-h6+ Kg7-g8 25.Td1-g1 Dd8-e7 26.Tg1-g6+ Een kwaliteitsoffer 26…h7xg6 27.Dh6-h8 28.Th1-h7 mat.

Misschien was de zwartspeler in onze partij Lauren Bacall